Wie in de zomer door de Oostenrijkse bergen wandelt, kan er niet omheen: de Alm. Je hoort de bellen al van verre, ziet de berghutten al voor je en je kunt de bergkaas al bijna proeven. Maar een alm is veel meer dan alleen een sfeervolle rustplaats voor wandelaars. Het is het kloppend hart van een duizenden jaren oude traditie die cruciaal is voor de bergen én de dalen.
Wat betekent 'Alm' eigenlijk?
Voordat we de diepte in duiken, eerst de definitie. Want hoewel we vaak zeggen: "We gaan naar de alm," bedoelen we meestal de hut. In werkelijkheid staat het woord Alm (of Alp in Vorarlberg en Zwitserland) voor de hooggelegen weide die alleen in de zomermaanden door vee wordt begraasd.
Een alm is dus een seizoensgebonden bergweide. De boeren in het dal hebben in de zomer hun weides beneden nodig om hooi te verbouwen voor de winter. Daarom gaat het vee op 'zomervakantie' naar boven. Pas wanneer er op zo’n bergweide ook een gebouw staat waar de herder slaapt of waar kaas wordt gemaakt, spreken we van een Almhütte. Een alm is dus in de eerste plaats een stuk land, en in de tweede plaats pas een bestemming.
Een landschap vol biodiversiteit
Wanneer je over die groene weiden hoog boven de boomgrens wandelt, geniet je van een ongekende bloemenzee. Dat is geen toeval. Terwijl er op de dalbodem gemiddeld slechts zeven verschillende kruiden per vierkante meter groeien, vind je op een goed onderhouden alm wel zeventig soorten. Deze enorme biodiversiteit danken we aan de begrazing. Koeien, schapen en geiten houden de vegetatie kort, waardoor kruiden de kans krijgen om te bloeien. Zonder deze 'grasmaaiers op vier poten' zou het landschap binnen de kortste keren overwoekeren met struiken en bos.
Van de wei direct op de plank
Heb je je weleens afgevraagd waarom die Kaspressknödel of dat plankje bergkaas boven op de berg zoveel beter smaakt? Dat begint bij het type alm waar je neerstrijkt. Er is namelijk een verschil tussen een 'beheerde alm' en een simpel Almgasthaus. Op een echte Sennalm wordt de melk direct ter plaatse verwerkt door een Senner (kaasmaker). Omdat de koeien zestig dagen lang alleen de beste bergkruiden eten, krijgt de kaas een unieke, pittige smaak die je in de supermarkt nooit zult vinden.
Voor de veiligheid in het dal: een natuurlijke barrière
Hoewel we de alm vaak associëren met ontspanning, vervult hij ook een vitale beschermende functie. Beheerde alpenweiden zijn essentieel voor de veiligheid in de valleien. Door het kort houden van het gras en het ruimen van stenen door de herders (ook wel Schwenden genoemd), wordt de bodem steviger. Dit verkleint de kans op modderstromen en steenslag. Bovendien blijft sneeuw op kort gegraasd gras beter liggen, wat het risico op lawines in de winter aanzienlijk vermindert.
De realiteit achter de romantiek
Terwijl wij als gasten genieten van het uitzicht, is het leven op de alm voor de boeren en herders allesbehalve een droomvlucht. Het is hard werken, zeven dagen per week. De dag begint nog voor het eerste zonlicht met het melken van het vee en het controleren van de kilometerslange omheiningen. Of het nu regent of de zon brandt: vermiste dieren moeten gezocht worden en wonden verzorgd. Een alm is een bedrijf op grote hoogte, waar de herder vaak ook de rol van verloskundige, klusjesman en EHBO'er op zich neemt.
De Almabtrieb
Het hoogtepunt van het jaar is de terugkeer naar het dal. In de vroege zomer worden de dieren via steile paden naar boven gebracht. Wanneer de herfst nadert en mens en dier een zomer zonder ongelukken hebben overleefd, volgt de Almabtrieb. De koeien worden feestelijk versierd met bloemen, dennentakken en spiegels (om boze geesten te verjagen) en in een kleurrijke stoet naar de winterstalling gedreven. Het is het ultieme dankfeest voor een behouden zomer.


